STRP presenteert RE: le Poème Electronique

symposium over een hedendaagse muze

9 apr 2009
9 apr 2009

Elke editie van STRP geeft onder de noemer RE: speciale aandacht aan een thema waarin Eindhoven en de relatie tussen creativiteit en technologie centraal staat. Dit jaar is dat het eerste multimedia-kunstwerk Le Poème Électronique uit 1958.

Vergroot

Poster voor Strp festival -

In 1956 gaf Philips de opdracht aan de beroemde architect Le Corbusier om een paviljoen te bouwen voor de wereldtentoonstelling in Brussel. Le Corbusier besloot om niet de zoveelste bedrijfstentoonstelling te ontwerpen, maar vertelde Philips dat hij een ‘elektronisch gedicht’ zou maken. De nieuwste geluid- en lichttechnologieën van Philips werden ingezet om een verhaal te vertellen over het streven van de mens naar harmonie in een steeds technologisch wordende samenleving. Met het spektakel van licht, geluid, film en architectuur kan le Poème Électronique gezien worden als een van de eerste interdisciplinaire multimediakunstwerken uit de 20e eeuw. Op het STRP Festival vindt er een symposium plaats rond dit bijzonder stukje cultureel erfgoed dat ontstond in het NatLab in Eindhoven.

In de binnenruimte van het futuristische paviljoen op de Wereldtentoonstelling staan vijfhonderd bezoekers met spanning te wachten op wat komen gaat. Terwijl een inleidende tekst geprojecteerd wordt op een wand, klinken links en rechts zoemende en oscillerende klanken uit weggewerkte speakers. Een pop van een naakte vrouw in de nok van het paviljoen licht op wanneer ultraviolette lichten over de schuine zijwanden flitsen. Mensen schrikken van de vreemde elektronische tonen die op hen af komen rollen vanuit de verte van het paviljoen. Abstracte lichtpatronen en grafische beelden en foto’s van apen, vogels, skeletten, ontploffingen, machines en baby’s wisselen elkaar af terwijl de geluidscompositie zich steeds lijkt te verplaatsen langs de wanden van het tent-achtige gebouw. Na acht minuten doven de lichten en is het stil. Nog onder de indruk schuifelen de mensen naar de uitgang om plaats te maken voor de volgende groep nieuwsgierige wereldtentoonstellingbezoekers.

Le Poème Électronique vertelt het verhaal van de mensheid en haar streven naar harmonie in een steeds technologischer wordende samenleving. Midden jaren ’50 is technologie een bron van hoop, inspiratie en optimisme. Thuis zit de familie gekluisterd aan radio of zwart-wit televisie, in de straten rijden de eerste betaalbare auto’s, en de Russen lanceren de eerste satelliet Sputnik. In het Natuurkundig Laboratorium (Natlab) van Philips in Eindhoven worden in die tijd niet alleen nieuwe elektronische apparaten ontwikkeld (zoals een heuse kleurentelevisie), maar wordt er ook gewerkt aan toekomstmuziek. Met grote taperecorders, spoelen, mengpanelen en zelfgemaakte elektronische instrumenten experimenteren pioniers als Dick Raaijmakers, Tom Dissevelt en Henk Badings met nieuwe elektronische muziek. Het is in deze technische speelplaats op Strijp-S waar de componist Varèse enkele maanden verbleef om samen met de Natlab-technici te werken aan Le Poème Électronique, dat vertoond zou worden in het Philips paviljoen op de wereldtentoonstelling.

Le Poème Électronique laat niet alleen de experimenteerdrift van het EIndhovense NatLab in de jaren ’50 zien. Architecten roemen het mathematisch geconstrueerde paviljoen, terwijl componisten en geluidskunstenaars de ruimtelijkheid van het geluid- en lichtspel zien als een ijkpunt in de moderne elektronische muziek. De samenwerking tussen de architecten Le Corbusier en Iannis Xenakis, de componist Edgar Varèse en de cinematograaf Philippe Agostini was destijds niet vanzelfsprekend. Tegenwoordig is multi- en interdisciplinariteit het leidende ideaal voor menig (media)kunstenaar en wetenschapper. Le Poème Électronique lijkt dan ook zijn tijd ver vooruit. Maar zoals Varèse in 1939 al opmerkte: “The artist is never ahead of his own time, but is simply the only one who is not way behind.”

Anno 2009 heeft men de achterstand ingehaald, en is Le Poème Électronique populairder dan ooit. Boeken en documentaires verschijnen, reconstructies worden overwogen, en met nieuwe, hedendaagse (virtuele) technologieën wordt het werk opnieuw uitgevoerd. De vraag rijst welke betekenis Le Poème Électronique in deze tijd heeft. Welk technologie- en mensideaal liggen ten grondslag aan het Gesammtkunstwerk? Welke rol speelt interdisciplinariteit tegenwoordig binnen de kunsten en wetenschappen? Hoe wordt le Poème Électronique gebruikt als inspiratiebron? En welk verhaal zou een hedendaags le poème électronique moeten vertellen over de relatie tussen de mens en haar technologische omgeving? Deze vragen en meer komen aan bod in een gevarieerd programma op donderdag 9 april.

Het symposium vindt plaats in het Klokgebouw in Strijp-S, op nog geen steenworp afstand van de plek waar Le Poème Électronique is ontstaan. Naast lezingen en een paneldiscussie met verschillende experts, presenteren studenten van de Interfaculteit hun werk naar aanleiding van Le Poème Électronique. Ook wordt de documentaire ‘Kamer 306’ van de Eindhovense filmmakers Henk Lamers en Jeanne de Bont vertoond, waarin het Eindhovense NatLab uit de jaren ’50 centraal staat.

Het symposium is bedoelt voor studenten, kunstenaars, technologen, onderzoekers, en alle andere geïnteresseerden. De voertaal is Nederlands.
Het symposium vindt plaats tijdens de Expo-dagen van het STRP Festival. Entree van de Expo bedraagt 10,-

Meer informatie over het programma en het STRP Festival is te vinden op strp.nl